PowNed

Defensie kiest voor drones: straks vecht de helft van de krijgsmacht onbemand

De Nederlandse krijgsmacht zet de komende jaren vol in op drones en andere onbemande wapensystemen. Volgens de nieuwe Defensienota wil Defensie over vijf jaar meer dan de helft van de militaire slagkracht laten uitvoeren door systemen zonder bemanning. Kortom: steeds minder soldaten aan het front, steeds meer oorlog op afstand.

  1. Laatste nieuws

De koerswijziging is vooral ingegeven door de oorlog in Oekraïne. Daar is volgens Defensie duidelijk geworden dat goedkope drones peperdure wapens kunnen uitschakelen. Een Patriot-raket afvuren op een relatief goedkope drone? Dat is volgens de nieuwe plannen simpelweg niet meer van deze tijd. Daarom wordt niet alleen geïnvesteerd in drones, maar ook in systemen die drones kunnen uitschakelen.

Om dat voor elkaar te krijgen wil Defensie samen met de Nederlandse defensie-industrie een speciaal ontwikkellab opzetten. Daar moeten nieuwe technieken worden bedacht waarmee drones andere drones kunnen bestrijden. Ook wordt fors ingezet op digitalisering, zodat nieuwe technologie sneller op het slagveld kan worden ingezet.

Niet alleen de landmacht verandert. Ook de marine krijgt schepen met minimale of zelfs helemaal geen bemanning en de luchtmacht breidt het aantal onbemande systemen verder uit. Tegelijkertijd blijven ook traditionele wapens belangrijk: er komen extra F-35's, een nieuw tankvliegtuig en de landmacht wordt uitgebreid met extra gevechtseenheden.

Volgens Defensie leven we inmiddels weer in een wereld waarin "het recht van de sterkste" steeds belangrijker wordt. Naast de oorlog in Oekraïne wijst het kabinet op de groeiende invloed van China, spanningen in het Midden-Oosten en andere internationale dreigingen. De boodschap is duidelijk: de oorlog van de toekomst wordt niet alleen gevoerd door militairen, maar ook door een zwerm drones.